Peter Vink Biografie

Peter Vink werd geboren in Den Haag op 28 maart 1949.
Hieronder volgt een overzicht van de legende.


Peter is 40 jaar in het popmuziek-vak actief. Naast de bands
waarin hij speelde is hij producer/studio-engineer en behaalde
het diploma 'docent popmuziek' aan het Rotterdams Conservatorium.
Peter is docent muziekgeschiedenis & popmuziek aan het Fontys
te Tilburg en tevens begenadigd docent basgitaar.
Hij verzorgt popworkshops in het hele land.


Peter Vink Peter Vink Peter Vink
Pleased to meet you
Hope you guess my name


Peter Vink portret




Peter's eerste band is de North Stars (1960 - 1966).
Een Haagse band die zowel in de hofstad als in het Oosten van Nederland
veel optreedt. De eerste bezetting bestaat uit:
Fekke de Jager (zang/gitaar), Hans de Jager (zang/bas),
Carl Bosboom (gitaar) en Ruud van 't Hul (drums). Peter speelt
een jaar bas in deze band. Laatste bezetting naast Fekke en Hans:
Wim de Graaf (gitaar) en Kok de Kort (drums).

Peter speelt met drummer Jay Baar in Leadbelly’s Limited als Willem Bieler
hen aanspreekt; "Jullie spelen bas en drums? Okay, dan zitten jullie nu bij Q65".



North Stars

Peter in de North Stars



Q65 (1965 - 1967)

In 1965 besluiten Joop Roelofs, Frank Nuyens en Willem Bieler met Peter en drummer Jay Baar een band te vormen. Er wordt veel tijd besteed aan het leren spelen van bluesstandaards. Willie Dixon, Bo Diddley en Robert Johnson zijn favorieten. De naam van de band wordt bedacht. Het jaar van oprichting met de letter Q ervoor (afgeleid van de song Suzy Q). Vanaf mei gaat Q65 optreden. Het eerste optreden is in de UTS te Scheveningen. Spoedig is de band in Den Haag en omstreken bekend. Het is een ruige band met een onverzorgd uiterlijk. Ze werden vergeleken met de Engelse band The Pretty Things. De groep repeteert in de rolschaatsbaan de Eekhoorn aan de Leyweg te Den Haag. Peter Koelewijn wordt getipt en gaat bij een optreden van Q65 kijken. Er volgt een auditie bij Phonogram in de Wisseloordstudio. Onder leiding van Peter Koelewijn worden twee opnames gemaakt van zelf geschreven nummers. De opnames zijn zo goed dat men besluit deze plaat te zetten. You're The Victor wordt de eerste single, een ruig en ongepolijst nummer. De b-kant is het rustigere And Your Kind. Op 5 maart 1966 komt de plaat in de Veronica Top 40. De hoogste notering is nummer 11. Door dit succes komt de carrière van de band in een stroomversnelling.Wout van Soest wordt de manager van de band en de gages gaan omhoog. De tweede single wordt The Life I Live met als b-kant Cry In The Night. De opname is in mei 1966. Het nummer wordt bij Jay Baar op de woonboot aan de Soestdijksekade te Den Haag geschreven. Met dit nummer wordt Q65 echt populair. In Den Haag ontstaan de eerste muurschilderingen. Op diverse plaatsen in de stad wordt Q65 op de muur geschilderd. De release van de nieuwe single gaat gepaard met een spectaculaire overtocht in een rubberboot van Londen naar Scheveningen. Eerst zou men nog in Londen een optreden doen. Aangezien er geen werkvergunning was aangevraagd mocht Q65 daar niet optreden. De band doet eerst nog Radio City aan. Door de ruwe zee moest Q65 tijdens de tocht overstappen op de volgboot. Bij Zeebrugge stapten de muzikanten weer in de rubberboot om vervolgens als helden door hun fans te worden ingehaald. Vervolgens geeft Q65 een spetterend optreden op de Scheveningse Pier. De naam Q65 is nu alom bekend. Het weekblad Revue schrijft een negatief artikel over de boottocht. De groep verschijnt in diverse tv-programma's. Q65 zit o.a. in 'Voor de Vuist Weg' van Willem Duys. The Life I Live wordt de grootste hit en staat 14 weken in de top-40 met als hoogste notering de 5e plaats.

LP Revolution (1966)

In de zomer van 1966 wordt de langspeelplaat Revolution opgenomen. De leden van Q65 staan afgebeeld in een oorlogstafereel. De helft van het aantal nummers zijn eigen composities. Naast de ruige nummers Spoonful, I'm A Man en Mr. Pitiful staat er ook het prachtige Sour Wine op. Het nummer Bring It On Home duurt 14 minuten. De opnames van Bring It On Home zijn s'nachts gemaakt. De studio was in diverse kleuren verlicht, het rook er naar wierook en er werden joints gerookt.Het nummer Bring It On Home is ook te horen in de film Beat It. In deze film zijn opnames gemaakt van Q65. Het zijn unieke opnames want er zijn weinig opnames van Q65 bewaard gebleven. De VPRO heeft de film in december 1966 uitgezonden. Met Revolution maakt Q65 geschiedenis in de Nederlands popmuziek.
De prijs was fl 9,90 en de opnames waren mono. Van de LP worden ongeveer 30.000 stuks verkocht.

De volgende singles

De derde single wordt I Despise You, een ruig nummer. Op de b-kant staat het prachtige en gevoelige nummer Ann. De radiostations maken van Ann de a-kant. Ann was als een grapje opgenomen, het was gebaseerd op het nummer "Jungen, Komm Bald Wieder" en werd gezien als een Duitse schlager. Ann komt op nummer 19 in de Veronica Top-40. In het radioprogramma Arbeidsvitaminen wordt het nummer nog jaren regelmatig aangevraagd. Vervolgens komt From Above uit. Op de langspeelplaat Greatest Hits staat een iets andere versie. Op de singleversie fluiten de leden van de Q65 op hun vingers. Het nummer I Was Young is een heerlijk bluesnummer. Vervolgens verschijnt er het nummer World Of Birds. Met dit nummer scoort Q65 weer een hit en belandt in de top 10. Er zijn twee versies van de single. Op de b-kant staat het nummer It Came To Me of Ain't That Lovin' You Babe. Het laatste nummer staat ook op de EP Kjoe Bloes. Deze komt in mei 1967 uit en hierop staan vier nummers. Het nummer Ramblin' On My Mind is een slepend bluesnummer. Helaas wordt er weinig promotie voor gemaakt. De eerste spanningen ontstaan nu door drugsgebruik, muzikale meningsverschillen en diverse irritaties. Q65 haalt regelmatig de kranten met verhalen over drugsgebruik, vechtpartijen in zalen en een ongeluk met hun VW-bus en een motorrijder. De single So High I've Been So Down I Must Fall komt uit maar wordt geen hit. Where Is The Key, b-kant, is een nummer dat doet denken aan Ann. Het aantal optredens loopt terug en als Willem Bieler een oproep voor militaire dienst krijgt betekent dit het einde voor Q65. Er verschijnen nog twee singles, Sundance/World Of Birds en Ann/Sour Wine.


Big Wheel (1968 - 1971)

Peter Vink gaat dan bas spelen in de Haagse heavy rockgroep Big Wheel. Met If I Stay Too Long, gezongen door (producer) Hans van Hemert scoren ze een hit in de Top-40. De volgende single What a Day komt daarna in de tipparade.
Big Wheel bezetting: Cyril Havermans (zang), Peter Vink (bas), Rob van der Zwan (gitaar) en Shell Schellekens (drums).
Overige muzikanten: Aad van der Kreeft (gitaar), Cees Hoogerheijde (bas), Foort Verbrugge (mondharmonica, zang), Hans van Hemert (zang), Peter Seilberger (piano) en Peter Van Dijk (bas).


LP Revival (1969)

In 1969 verschijnt op het platenlabel Phonogram de LP Revival.
Vier nummers zijn van de groep Circus (met Frank Nuyens, Jay Baar, Marco Klein en Frank Verhoeff)
en de rest zijn oude nummers van Q65.


Q65 Reünie (1970)

Negram geeft in 1970 aan Q65 een aantrekkelijk platencontract. De oorspronkelijke band wordt weer geformeerd, maar drummer Jay Baar is vervangen door Beer Klaase (ex-Group 1850). De eerste single wordt Don't Let Me Fall, en wordt geen hit. De volgende single Sexy Legs staat twee weken op de laatste plaats van de Top-40. Het zou de laatste hit zijn van Q65. In 1970 verschijnt de LP Afghanistan. Op de ene kant een live opgenomen rock&roll-medley en de andere kant nieuwe nummers. Rinus Gerritsen en Barry Hay (Golden Earring) spelen op een aantal nummers mee. Na Afghanistan volgen nog twee singles Love Is Such A Good Thing en I Just Can't Wait en een LP We're Gonna Make It. Q65 maakte het niet, de plaatverkoop loopt terug en het aantal optredens ook. Frank Nuyens en Willem Bieler verlaten de band. John Frederiksz vervangt Willem Bieler en er verschijnen nog twee singles waarvan Hoonana in de tipparade verschijnt. De naam wordt veranderd in Kjoe. In die periode spelen er verschillende gitaristen in de Kjoe waaronder Joop van Nimwegen. In 1974 valt de groep voor de tweede keer uit elkaar.


Finch (1974 - 1978)

Ad Wammes: toetsen, Fred van Vloten: drums, Joop van Nimwegen: gitaar, Peter Vink: basgitaar.
Overige muzikanten waren Beer Klaasse: drums, Cleem Determeijer: toetsen, Hans Bosboom: drums, Paul Vink: toetsen.

1974

Nadat de heropgerichte Q65 begin van het jaar uit elkaar is gevallen, besluiten gitarist Joop van Nimwegen en bassist Peter Vink samen met drummer Beer Klaasse een nieuwe band te beginnen. Een toetsenman wordt gevonden in uit de Swinging Soul Machine afkomstige Paul Vink. In de kelder van het Haagse jongerencentrum Paard van Troje wordt gedurende ruim een jaar geschaafd aan een eigen geluid. Aangezien men geen geschikte zanger vindt, wordt van de nood een deugd gemaakt en besluit men zich te profileren als instrumentale groep.
Paul Vink (naar Livin’ Blues) is dan al vervangen door conservatoriumstudent Cleem Determeijer.

1975

Samen met Roy Beltman, producer van platenmaatschappij Negram, voltooit de band in drie dagen de debuut-LP Glory Of The Inner Force, die in april verschijnt en door de pers goed wordt ontvangen. E verschijnt een niet op de plaat voorkomende single Colossus. Finch treedt regelmatig op en laat bij de bezoekers een diepe indruk achter. Dat Finch niet zomaar een Hollands bandje is, blijkt als het Atlantic-label het album in september in Amerika uitbrengt. De LP krijgt onder meer in het vakblad Billboard een gunstige kritiek.

1976

Als eind maart de tweede plaat Beyond Expression uitkomt is er al veel meer belangstelling voor het kwartet. Het album is wederom geproduceerd door Roy Beltman, maar deze keer is er bijna een maand voor de opnamen uitgetrokken, waarna de voor zijn studie kiezende Determeijer wordt opgevolgd door de uit Purple Haze afkomstige Ad Wammes. Bij radio Veronica verkiest men Beyond Expression tot Elpee van de Week, hetgeen de groep een goed gevulde concertagenda oplevert.

1977

Nadat Beer Klaasse zijn plaats achter het drumstel heeft overgedaan aan Hans Bosboom (ex-Blues Session), tekent de groep in juni een contract bij Bubble Records, een sublabel van Ariola. In de maanden augustus en september werkt men met behulp van de Engelse producer Sandy Roberton aan de derde LP die in november als Galleons Of Passion verschijnt. Met het Rockburgh-label wordt een contract afgesloten om Galleons Of Passion ook in het Verenigd Koninkrijk uit te brengen.

1978

De kwaliteiten van Galleons Of Passion blijken de belangstelling in België en Duitsland aan te wakkeren, er wordt in beide landen getourd. In Duitsland is men in mei op trektocht als voorprogramma van de Jan Akkerman Band. Eindelijk lijkt Finch het werkterrein blijvend uit te kunnen breiden, maar het vertrek van drummer Hans Bosboom gooit roet in het eten. Bosboom wordt nog opgevolgd door Fred van Vloten, maar als ook Joop van Nimwegen besluit de groep te verlaten, is dat voor de anderen het moment om Finch op te doeken. Het gaat in goed overleg en men houdt nog een afscheidstournee, die afgesloten wordt met een optreden op 14 november in het Haagse Congresgebouw.

Engels persbericht...

"The foundation of Finch is laid by bass guitarist Peter Vink and drummer Beer Klaasse, two ex-members of the renowned rock group Q65 from the Hague. Peter Vink is eager to play somewhat more serious rock music, the symphonic rock of Yes in particular appeals to him. Not surprisingly he does play a Rickenbacker bass guitar just like his idol Chris Squire of Yes. Beer grew up with the so-called 'hard bop' (Art Blakey in particular). At a later stage he is hugely impressed by the often improvised music of the Mahavishnu Orchestra and Cream. When Q65 split up (up to '87 re-established a number of times) Peter and Beer form the group the Kjoe. Initially Frank Nuyens plays the guitar in this group, however, he breaks his leg and is never to return. Frank is substituted by Ronnie Meijer (at a later stage guitarist of Livin' Blues and Earth & Fire), singer Johnny Frederiks also joins the band. However, the latter two insist on earning more money and start to play the night club scene. After this setback manager Joop Roelofs suggests to form a new group. Subsequently the search for new blood starts".

Finch links

Bekijk ook deze prachtige sites:

Finch


Finch Fansite



De Haagse Beatnach (1980)

Tijdens de Haagse Beatnach traden allerlei Haagse bandjes op die in de jaren zestig populair waren. In de Houtrusthallen te Den Haag treden onder andere Shocking Blue, Shoes, Kick, Golden Haigs en Q65 op. De band speelt in de originele bezetting. Na een paar keer gerepeteerd te hebben gaan ze het podium op. Het heilige vuur is er weer. Op de LP Haagse Beatnach staan twee nummers van Q65, de nummers zijn in de studio opgepoetst. In die periode neemt Q65 nog twee nummers op bij CNR. Mean Woman en Think It Over worden echter nooit uitgebracht. Het zou het laatste optreden van Q65 zijn maar de publieke belangstelling is zo groot dat er meteen een tournee wordt gemaakt. Frank Nuyens en Jay Baar worden vervangen door Joop van Nimwegen en Fred van Vloten. Later wordt Beer Klaasse weer drummer.


Livin' Blues (1980 - 1982)

In 1980 begint Livin' Blues met een nieuwe line-up: Ted Oberg (gitaar), Nicko Christiansen (mondharmonica, ex-Himalaya), Evert Willemstein (bas) en Boris Wassenbergh (drums, voorheen Cashmere). De band participeert in het Haagse Beatnach-festival (zie boven), waar bijna alle Haagse blues-, en beatbands nog eenmaal op het podium staan. De ex-leden van Livin' Blues, André Reynen, Johnny Fredriksz en Pietjan Visser formeren de band Nighthawk, maar deze groep is geen lang leven beschoren. Wanneer ook Livin' Blues stopt, gaan Johnny Fredriksz en Ted Oberg verder als het duo J. & T., dat zich laat begeleiden door Peter Vink (ex-Q65 en Finch) en Fred van Vloten (drums, ex-Finch).


The Boxx (1982 - 1991)

Peter start in 1982 samen met zijn Utrechtse vriendin Mirjam van Doorn (zang) The Boxx.
Ze scoren vlak voor een optreden in Veronica's Goud van Oud een hit met I Need A Love.
The Boxx speelt op Parkpop. Dankzij een geslaagd optreden tijdens Los Vast van de NCRV krijgt de groep een contract bij Phonogram.
Andere hoogtepunten in de carrière zijn het voorprogramma van Joe Cocker, Meatloaf en Vandenberg en een plek op Parkpop in juni 1988.
The Boxx brengt twee rocksingles uit waarvan I Need A Love in 1987 een hit wordt.
Bezetting: Mirjam van Doorn (zang), Peter Vink (basgitaar), Frank Middendorp (gitaar), Geert Hoornweg (drums) en Karel Stemmerik (toetsen).
Overige muzikanten: Arnoud Bongaards (drums), Cleem Determeijer (toetsen) en Ronald Van Drunen (drums).


Renegades (1991 - 1992)

Renegades is een coverband met zanger Ian Parry (ex-Vengeance) en zangeres Mirjam van Doorn (The Boxx). De groep wordt aangevuld door gitarist Arjen 'Ayreon' Lucassen (ex-Vengeance), Peter Vink en drummer Arnoud 'Arnie' Bongaards (The Boxx en Van Katoen).
De muzikanten zetten in september 1991 vier nummers op een democassette en doen een eenmalige tournee door Nederland met muziek van o.a. Deep Purple, Led Zeppelin, UFO, Thin Lizzy, Mothers Finest en White Snake.
In een later stadium zingt ook Robert Soeterbroek bij Renegades.


Veralin (1992 - 1999)

Peter start in 1992 met vriendin Mirjam van Doorn (zang) Veralin.
De muziek van Veralin is een cross-over tussen pop en symphorock. De band bracht de CD Opposites uit (geproduceerd door Peter)
en wordt een grote hit in Japan, Arjen Lucassen speelt een solo op het nummer Love is All.
Bezetting: Mirjan van Doorn (zang), Peter Vink (basgitaar), Cleem Determeijer (toetsen), Eric Nootebos (gitaar) en Remco Klaase (drums).
Overige musici: Debby 'Dee' Schreuder (zang), Arjen 'Ayreon' Lucassen (gitaar).


Omsk (2000 - 2003)

Deze band is aanvankelijk een project van Peter met drummer Fred van Vloten. Adjan Emmen wordt gitarist van Omsk, later aangevuld met een tweede gitarist: Jan Dekker. Als Fred wegens omstandigheden de drumkruk verlaat voor Ron van Elswijk heeft de band wel een repertoire maar nog altijd geen geschikte zanger. Er zijn enkele optredens, maar door het gebrek aan een goede zanger en andere verplichtingen van de bandleden komt Omsk niet echt van de grond. Omsk bestaat tussen 2000 en 2003. Peter en Adjan werken de Omsk-songs wel verder uit en nemen deze nummers ook op. Korte fragmenten van deze (demo-)opnames kun je beluisteren op Adjan's site onder: Rock Files


Star One (2002)

In 2002 speelt Peter mee op de toernee van Arjen Lucassen, die onder de naam Star One in september en oktober door Europa trekt.
Bezetting: Arjen Lucassen (gitaar), Peter Vink (bas), Ed Warby (drums), Joost van den Broek (toetsen), Robert Soeterbroek/ Floor Jansen/ Irene Jansen/ Damian Wilson/ "Sir" Russell Allen/ Edward Reekers (zang), Ewa Albering (dwarsfluit).


Thin Lizzy Tribute Band (2005)

Deze band werd een project als eerbetoon aan Thin Lizzy.
Op de sterfdatum van bassist Phil Lynnot organiseerde het Mezz-podium in Breda een Thin Lizzy Tribute Night.
Boudewijn Bonebakker (gitarist bij Gorefest) stelde een band samen waarmee meerdere optredens in het land volgden.
Ed Warby (Gorefest) drums, Boudewijn Bonebakker gitaar, Ross Curry gitaar & zang en Peter brachten Thin Lizzy op deze wijze weer op het podium tot leven.




Peter's Links:

De Bassistenpagina
Het Nationaal Popinstituut
Metal-Experience (concert foto's)
Conservatorium INHOLLAND


Peter Vink Peter Vink Peter Vink


www.peter-vink.nl